De euro is 10 jaar oud. en het bankbiljettenkwartet inmiddels ook.

Bankbiljettenkwartet (doosje)De Euro kwam er aan, daarmee het einde van de Gulden aankondigend. Het leek Wouter van Riemsdijk leuk een overzicht te maken van de geschiedenis van onze ‘gulden’ bankbiljetten. Het kreeg de vorm van een bankbiljettenkwartet.  Het samenstellen daarvan was eenvoudig. Bijvoorbeeld omdat vroeger alle vervangen biljetten werden vernietigd. Slechts enkele biljetten werden door De Nederlandsche Bank bewaard, na hevig te zijn geperforeerd. Door allerlei niet kapotte stukjes te combineren kon een afbeelding van een biljet worden gereproduceerd.
 
Het kwartet werd door Wouter verkocht aan particulieren via boekhandels. Met de Euro in aantocht zagen we mogelijkheden om het aan het bedrijfsleven te verkopen. We lieten tienduizenden kwartetten maken. Een aanzienlijk deel daarvan ging in kerstpakketten van Deli-XL. Daardoor kregen veel mensen vlak voor de jaarwisseling naar 2002 een nostalgisch product met de oude en laatste volledig Nederlandse bankbiljetten. Ook de Rabobank werd een van de grote afnemers, nadat we een fax-actie deden naar alle zelfstandige filialen. Ook andere bedrijven gebruikten het als relatiegeschenk.

De laatste kwartetten gingen overigens pas een jaar later weg. De enorme voorfinanciering was toen al ruim terugverdiend. In 2007 kwam de nostalgie naar onze eigen munteenheid weer even opzetten. We overwogen het kwartet nog een keer uit te brengen. Maar zagen daar door drukte met andere projecten van af.

 

Het kwartet

Het kwartet begint vanaf 1814, als koning Willem I (1772-1843) de Nederlandsche Bank opricht en de allereerste Nederlandse bankbiljetten worden gedrukt. In het begin werd één afbeelding gebruikt, waar de verschillende valutabedragen aan werden toegevoegd.Later kreeg elk bedrag zijn eigen afbeelding. Een kwartet bevat de biljetten van één valuta en bevat informatie over het biljet en enkele bijzonderheden rondom de invoer. Het kwartet is daardoor niet alleen een spel, maar eigenlijk een losbladig boekje over de geschiedenis van de Nederlandse Bankbiljetten. Het briefje van 2 gulden 50 komt er overigens niet in voor, want dat was een muntbiljet en geen bankbiljet.